|
In Nederland, en in de meeste geïndustrialiseerde landen worden miljarden dieren gehouden in intensieve, industriële systemen: de bio-industrie. Minder bekend is dat de bio-industrie zich ook in steeds meer ‘ontwikkelingslanden’ uitbreidt. In dit deel van de website lees je hoe de meeste landbouwdieren in al deze landen behandeld worden en waarom de bio-industrie niet alleen een ramp is voor de dieren, maar ook voor de mens en het milieu.
|
|
 |
|
Enkele voorbeelden: In de bio-industrie worden mestvarkens en vleeskuikens vetgemest in overvolle stallen. Fokzeugen en kalveren zitten vast in zulke krappe hokken dat ze zich niet eens kunnen omdraaien. Leghennen zitten op elkaar gepropt in kooien en de productie van melkkoeien wordt tot het uiterste opgekrikt. Gelukkig hebben sommige landen, waaronder Nederland, al enkele stappen in de goede richting gezet en besloten de ergste uitwassen van de bio-industrie nu of in de toekomst niet meer toe te staan. In deze sectie van de website beperken we ons echter niet tot Nederland en Europa, maar bespreken we per diersoort praktijken die in de meeste landen, voor de meeste dieren nog gebruikt worden. Ook in Nederland moet er nog veel verbeteren aan het welzijn van de landbouwdieren. Daarom lees je in dit artikel niet alleen wat er 'mis' is, maar óók wat er volgens Compassion in World Farming minimaal moet veranderen om het welzijn te verbeteren! |
|
 |

|
 |